Andreas Schelfhout schilderde bijna uitsluitend landschappen, die hij gedetailleerd en gevarieerd, maar volgens bepaalde schema’s samenstelde. Hij componeerde ze in zijn atelier aan de hand van een voorraad tekeningen en schetsen, die hij ter plekke had gemaakt. Zo zijn er op zijn schilderijen wel bepaalde locaties te herkennen, maar in feite was het geheel geconstrueerd een bestond het in werkelijkheid niet zo. In de Romantiek was dit geen ongebruikelijke methode.Schelfhout wordt beschouwd als dé negentiende-eeuwse meester van het ijsgezicht. In zijn tijd was de kans op een strenge winter veel groter dan tegenwoordig. Behalve winterse landschappen schilderde hij veel zomerse boslandschappen met plassen of rivieren en kleine boerderijtjes; en strandgezichten met boten en woelige baren. Schelfhouts landschappen zijn gaaf: vermolmde bomen of ruïnes – die er wel waren – bracht hij niet in beeld. De schilder was een van de best betaalde kunstenaars van de negentiende eeuw en had goede contacten met het Koninklijk Huis.
Op dit schilderij wemelt het van de mensen op het ijs. Een jongetje staat op de voorgrond met zijn hondje naar de mensen te kijken. Een vrouw duwt in een slee een andere vrouw voort. Op een bankje voor een tentje met koek en zopie zitten en staan mannen en vrouwen. In het midden is een stel lekker aan het zwieren en rechts brengt een man hooi voor een paard op het ijs. Allerlei variaties van menselijk gedrag op het ijs. Dat is fabuleus geschilderd in zijn donkere gladheid waarop elke kras te zien is. De ijzel, de sneeuw en de ijsbrokken zijn bijna tastbaar.
Dit schilderij staat afgebeeld op de cover van het boek van Andreas Schelfhout.




















































